F. Starik: het laatste interview met de dichter voor eenzame doden

Eind vorige maand sprak Trouw-journaliste Sybilla Claus uitgebreid met dichter en schrijver F. Starik, voor een verhaal over zijn stichting Eenzame Uitvaart. De reportage, hieronder gepubliceerd, bleek de laatste te zijn over het werk van Starik: vrijdag overleed hij onverwacht op 59-jarige leeftijd.
Sybilla Claus 
F. Starik (met bril) op 27 februari op begraafplaats Sint Barbara bij de uitvaart van de Ier Alan Brian Ray. Dichteres Anneke Brassinga heeft zojuist haar gedicht voorgedragen en gooit aarde op de kist. ©Werry Crone

Slechts een paar hardlopers trotseren de kou in het Amsterdamse Westerpark. Waar verscholen in het park begraafplaats Sint Barbara ligt, luiden de klokken. In de kapel omringen zes grote kaarsen in staande kandelaars de kist van Alan Brian Ray (75). De Ier leefde in Amsterdam-Oost in een veertig jaar niet schoongemaakte woning. Hij had alle ramen dichtgetimmerd en het plaatsje achter vakkundig met rotzooi gevuld.

Er zijn genoeg steden in Nederland waar een dode zonder na­be­staan­den direct van de koelcel naar het graf gaat

Het consulaat kon geen familie vinden, de gemeente betaalt zijn uitvaart. De kist is de goedkoopste, spaanplaat met papierfolie in eikenprint, maar oogt mooi, met een rood-oranje gemeentelijk bloemstuk erop en een wit lint zonder tekst. Op de eerste rij links zitten de dragers, op de rij rechts twee dichters. Op rij vier zit de uitvaartbegeleidster. Dat is het.

Meneer Ray – vereenzaamde Amsterdammers zijn vaker van het mannelijk geslacht – is voor stichting Eenzame Uitvaart al de 226ste dode. Dat klinkt oneerbiediger dan het is. Er zijn genoeg steden in Nederland waar een dode zonder nabestaanden direct van de koelcel naar het graf gaat. Dankzij een groep bevlogen dichters gaat dat er in de hoofdstad heel wat warmer aan toe.

Dichter van dienst is vandaag Anneke Brassinga van de Poule des Doods, zoals zij zichzelf noemen. Die zorgt er alweer zestien jaar voor dat niemand in Amsterdam alleen van de wereld afscheid moet nemen.

‘Is hij bang
sinds die ene is weggegaan of nooit gekomen,
vreest hij de wereld die hem dwars door de ruit heen
kan raken? Kwam je nog buiten, Alan – ‘s nachts
misschien bij nieuwe maan in de donkerste uren
van vrede voor hen wie alles te veel is?’

draagt zij voor. Daarna legt Brassinga het gedicht gevouwen op de kist, en buigt kort. Na het laatste muziekstuk brengen de dragers Ray naar buiten. Van een volgstoet is geen sprake. Alleen de twee donker geklede dichters lopen achter hen aan.

Bijbaan

De man die in 2002 de Poule des Doods en de Amsterdamse versie van Eenzame Uitvaart oprichtte opent later zijn huisdeur in de Amsterdamse Staatsliedenbuurt in een strak zwart pak. De kraag van zijn witte overhemd wijkt uiteen in grote punten.

F. Starik is een van de zeldzame Nederlanders die meerdere begrafenispakken in de kast heeft hangen. Uitvaarten zijn voor hem een bijbaan geworden. Sinds zijn bemoeienis met de Eenzame Uitvaart is de dood nog vaker in de gedachten van Starik. Hij coördineert alles, schrijft standaard na afloop een verslag – inclusief het gedicht – voor de website en voor de nieuwsbrief.

Neem zijn muziekcollectie. In de loop der jaren heeft Starik aardig wat cd’s verzameld. “Ik werd zo moe van altijd dezelfde nummers van Bach. Dus heb ik ook de muziek naar me toegetrokken.” In plaats van ‘drie keer licht klassiek’ – standaardbegrip in de uitvaartwereld – verzint Starik voor iedereen wat anders. Bij meneer Ray begint de muziek met een Ierse nocturne. Na het gedicht volgt Neil Young met een kinderkoor dat onverwacht vrolijk ‘We know the way, to get you back home’ zingt. Het slotstuk is een ‘Irish Blessing’.

De muziek mag ook niet te gek klinken. Want altijd is er een kans dat er op het laatste moment toch een bekende komt opdagen.

In het dagelijks leven staat er altijd een extra oortje open: kan Starik daar wat mee? Voor de 80-jarige gay meneer die eind februari als eerste aan de beurt was, had Starik eigenlijk een gay dichter op het oog. Voor hem werd het muziek van Jimmy Scott. “Een man die zo hoog zong als een vrouw.” Voor de 66-jarige Duitser die na hem kwam koos hij operaliedjes zoals ‘Immer Leise’. “Ik hoop dat hij het kon verstaan.”

Lees verder onder de foto

F. Starik ©Patrick Post

Maar als die Duitser nou een oude rocker was, vol tattoos? Dat was hij niet, weet Starik. “Ik hoor telefonisch de ambtenaar uit die de woning van de overledene bezoekt. De kamer van deze man bevatte niet veel persoonlijke zaken.” De muziek mag ook niet te gek klinken. Want altijd is er een kans dat er op het laatste moment toch een bekende komt opdagen.

Baby

Onuitwisbaar vindt de dichter het beeld van een eenzame uitvaart van een baby. Dat kleine kistje dat een uitvaartondernemer op haar handen voor zich uit draagt. Het komt te vaak voor, neem de nooit opgeloste dood van de baby van de Sloterplas in de zomer van 2016. “De politie denkt dan al snel aan de mensenhandel of gedwongen prostitutie.”

Iedereen houdt van baby’s. Maar de groep dichters van Eenzame Uitvaart beheerst de kunst om zelfs bij een rotzak een lichtstraal te ontdekken. Starik vindt het ‘ontroerend’ hoe iemand die zijn hele familie van zich weet te vervreemden, zijn eigen waarheid creëert: “Mijn favoriet is de man die zichzelf een heldhaftig verleden had toebedacht. In de oorlog hadden de Duitsers in zijn hand geschoten, had hij altijd verteld, waardoor zijn middelvinger permanent recht omhoog stond. Zegt zijn zus telefonisch tegen mij: ‘Oh dat was gewoon een ongelukje met een zaag.’”

De groep dichters van Eenzame Uitvaart beheerst de kunst om zelfs bij een rotzak een lichtstraal te ontdekken

Starik voelde zich niet belogen. “Zo’n detail maakt me juist gelukkig. Iedereen heeft recht op zijn eigen verhaal. Dat is toch mooier dan zeggen dat je een mislukkeling bent.” Het is een vorm van je trots behouden in deze veeleisende tijden. En daarom is deze man die onmogelijk in de omgang was, en bij leven verschrikkelijk alleen, de dichter dierbaar. Hij vindt trouwens altijd wel een haakje om iemand te mogen. De deelnemende dichters hebben allemaal een bovengemiddelde fascinatie voor de dood en datzelfde zwak voor buitenbeentjes – in overheidsjargon: zorgmijders – dat Starik kenmerkt.

Tien dagen dood thuis

Neem de drugsverslaafde die begin februari werd gevonden in de Ten Katestraat. Een dwangmatig verzamelaar, Braziliaan van oorsprong. Nog geen vijftig, tien dagen alleen dood thuis gelegen dus niet meer toonbaar. Overlastgever, vervuilde woning, wellicht een onbedoelde overdosis, aldus het rapport van de gemeente. Wegwezen, denkt de doorsnee passant dan. Het wonder van de Eenzame Uitvaart is dat dichter Thomas Möhlmann er bij zijn afscheid een heel andere draai aan weet te geven: hij maakt in zijn gedicht weer een kind van hem. ‘Het kind van alle mensen dat vergeefs probeerde zichzelf bijeen te vinden en bewaarde wat het verloor.’

Lees verder onder de foto

F. Starik (rechts) kijkt toe hoe de kist van Alan Brian Ray op de draagbaar wordt getild. ©Werry Crone

“Ik zoek altijd een match tussen dode en dichter”, zegt Starik thuis. Eva Gerlach groeide op in Suriname en schreef een jaar geleden het gedicht Bruya (‘Verwarring’ in het Sranantongo) voor een Surinaamse man.

Van mijn generatie was Wigman altijd met afstand de beste dichter. Zijn dood heeft me erg aan­ge­gre­pen.

F. Starik

De in februari overleden Menno Wigman was stadsdichter en bevriend met Starik. Wigman was een van de eersten die zich bij de Poule des Doods aansloot. In 2016 schreef hij een gedicht voor een Italiaan die in een lege woning in Amsterdam-Noord woonde.

‘Ik heb vanochtend voor je huis gestaan.
We deelden jarenlang dezelfde buurt.
Dezelfde wolken prijkten voor je raam.
We namen geld op uit dezelfde muur
en leefden even scheef als mensenschuw.’

Dichten, drinken en roken horen voor sommigen onafscheidelijk bij elkaar. Na een hartinfarct dat hem vorig jaar vier maanden lam legde heeft Starik de drank afgezworen. Zo sterk was Wigman niet, hij vond een leven zonder maar niks.

En zodoende moest Starik vorige maand spreken voor zijn goede vriend, die al op zijn 51ste overleed aan een geheimzinnige hartkwaal. “Van mijn generatie was Wigman altijd met afstand de beste dichter. Zijn dood heeft me erg aangegrepen.” Starik wil Wigmans naam op de website van Eenzame Uitvaart nog niet van een kruisje voorzien. Dat zou het afscheid onomkeerbaar maken.

Voor het leven

Ook dichters Wim Brands, Rogi Wieg, Adriaan Jaeggi en Simon Vinkenoog hebben de groep al verlaten. Zelfdoding, kanker, ouderdom. Sommigen haken bij leven af uit de Poule des Doods. Neeltje Maria Min had al zoveel uitvaarten van zichzelf dat ze het niet meer trok. Voor anderen als Anneke Brassinga is het een levenslange toezegging. Drie dagen kan ze met zo’n dode bezig zijn, maar na de uitvaart is het klaar. Voor Starik is het evenmin een project. “Dit ga je aan voor het leven.”

Toch wenst zelfs hij soms de dood weg. Dat kan niet. Dan is hij maar tevreden als ‘het loopt’. Dat wil zeggen als de juiste muziek wordt gedraaid, de goede voordracht wordt gehouden en de dragers niet te veel hoesten bij de uitvaart.

Langzaam laat de voorloper deze ochtend op Sint Barbara de kist in het gedolven graf zakken. Dit is de sectie waar drie ‘vreemden’ boven elkaar begraven worden. Iemand heeft een gerbera op het gedicht gelegd. De dichters sluiten af met het gooien van schep zand op de kist . Ze lopen terug richting koffiekamer.

Echt eenzaam zijn de uitvaarten feitelijk niet, meent Starik achteraf. Beheerder Richard Degenkamp van de begraafplaats is er vaak bij, net als een uitvaartondernemer, vier tot acht dragers, soms een gemeenteambtenaar, de dichter van dienst en hijzelf. “Samen zijn we toch een alternatieve familie.”

Jaarlijks 400 doden

De gemeente Amsterdam betaalt jaarlijks de begrafenis van zo’n 400 doden. Over de eerste twee maanden van 2018 staat de teller al op 94. Het idee is dat er geen onderscheid mag bestaan tussen wie wel of geen geld heeft. Bij gemiddeld vijftien mensen per jaar gaat niemand komen. Dan verzorgt Eenzame Uitvaart de laatste eer.

F. Starik (1 juli 1958-16 maart 2018)

Dichter, auteur en beeldend kunstenaar F. Starik overleed afgelopen vrijdag op 59-jarige leeftijd. Hij was van 2010 tot 2011 stadsdichter van Amsterdam. Na het overlijden van burgemeester Eberhard van der Laan plaatste Het Parool in oktober een dank-gedicht van Starik groot op de verder lege voorpagina. In 2013 schreef hij in Trouw columns over zijn dementerende moeder: ‘Moeder doen’, die ook in boekvorm verschenen.

Advertisements