Liefdeloosheid in kapitalistische tijden – Byung-Chul Han

Vrij Nederland

Het kapitalisme werkt narcisme en depressie in de hand, en het verlies van kunst, vertrouwen en liefde. Een middag somberen in Berlijn met filosoof Byung-Chul Han.

De filosoof Byung-Chul Han houdt niet zo van interviews, maar hij houdt wel van meer dingen niet. Loom komt hij aanfietsen, op deze warme middag in juli, en terwijl hij zijn paardenstaart uit zijn nek zwiept, gebaart hij dat hij liever binnen in de airco van het café zit dan buiten onder de parasol. Vluchtig geeft hij een hand, oogcontact mijdt hij, vooral aan het begin van het gesprek, en als hij praat, kijkt hij geconcentreerd naar een punt op de muur.

'We zijn allen depressief. Ik kan mezelf niet uitsluiten.' Foto: S. Fischer Verlag‘We zijn allen depressief. Ik kan mezelf niet uitsluiten.’ Foto: S. Fischer Verlag

Zo veel mogelijk informatie

‘Wat anderen niet van mij weten, daar leef ik van’ – dat citaat van Peter Handke is het motto van Hans boekje De transparante samenleving en misschien ook een beetje het motto van zijn leven. Tot voor kort was zelfs zijn leeftijd een raadsel; Han is 55 en geboren in Seoel, waar hij afstudeerde in de metallurgie om vervolgens, begin twintig, naar Freiburg af te reizen om literatuur en filosofie te studeren. Hij doceerde aan de Hochschule für Gestaltung in Karlsruhe, waar Peter Sloterdijk de scepter zwaait, en is sinds twee jaar professor aan de Universiteit voor de Kunsten in Berlijn.

In 2010 werd zijn essay De vermoeide samenleving een bestseller in Duitsland en Zuid-Korea en daarmee was zijn naam gevestigd. Er volgden essays over digitale media, liefde en transparantie. Deze week komt in Duitsland een boek uit waarin hij die thema’s verbindt, genaamd Psychopolitik. Neoliberalismus und die neuen Machttechniken; in Nederland verschijnt een essaybundel.

Advertentie

Volgens Han leven wij in een samenleving waarin wij worden gedwongen zo veel mogelijk informatie prijs te geven. Dat geldt niet alleen voor overheidsinstellingen of goede doelen die worden geacht transparant te zijn, maar ook voor individuen. Alles wat eigen is, zou daardoor verloren gaan.

Transparantie wordt toch verlangd om corruptie en vriendjespolitiek te bestrijden? Dat klinkt als een goede zaak.
‘Dat ontken ik ook niet, maar de totalitaire vorm die de roep om transparantie nu aanneemt, baart me zorgen. In een transparante samenleving moet alles direct toegankelijk worden in de vorm van informatie. En dat maakt bepaalde zaken kapot.’

Zoals?
‘In de politiek zijn er zaken die langzaam moeten rijpen. Als de politiek gedwongen wordt geheel transparant te zijn, dan richten politici zich alleen maar op de korte termijn, de snelle winst. En sommige dingen moeten worden bekokstoofd in donkere achterkamertjes zonder dat iemand er lucht van krijgt, anders kunnen politici en beleidsmakers nooit ongeliefde onderwerpen ter sprake brengen.’

De hel van het gelijke

Karl Marx ageerde tegen de uitbuiting van de arbeider door de heersende klasse, maar tegenwoordig is het niet meer een ander die ons gebiedt wat we moeten doen. De mens voelt zich geen subject meer, niet meer de onderworpene, speelbal van omstandigheden, maar een project dat kan slagen en mislukken. Hij is wat hij er zelf van maakt. Het lijkt de ultieme vrijheid, maar volgens Han is deze vrijheid een wolf in schaapskleren.

Wij moeten onophoudelijk en op elk gebied onszelf dwingen, aansporen, optimaliseren. Er zijn geen grenzen meer aan wat wij zouden moeten kunnen bereiken. Han beschreef eerder in zijn essay De vermoeide samenleving de gevolgen van deze exploitatie van het zelf: de mens wordt er vooral heel erg moe van om de hele tijd ‘jezelf’ te moeten zijn. Psychische aandoeningen zoals depressie, burn-out en ADHD zijn het gevolg. ‘De prestatiesamenleving baart depressieven en kneuzen.’

De prestatiedwang die het vrije ‘ik’ zichzelf oplegt, wordt nog verhoogd door volledige transparantie. In een kantoorgebouw met tweehonderd afzonderlijke kantoortjes kan iedereen uitspoken wat hij wil. Als je de wanden uit het gebouw weghaalt, kijkt iedereen naar elkaar, controleert elkaar en conformeert zich aan de rest.

De mens heeft een akker nodig waar niet direct geoogst moet worden, een speelruimte waar je je ook kan ophouden zonder winst te moeten generen’

Bovendien is het de aard van informatie dat het behapbaar en makkelijk verteerbaar moet zijn. Op Facebook moet je in één oogopslag kunnen zien of je iets wilt liken of niet. Andere opties zijn er niet, en zo wordt alles oneindig afgevlakt en gelijkgeschakeld. Er is niets wat anders kan zijn, niets waarbij je iets langer kan stilstaan. Han noemt dat ook: de hel van het gelijke.

‘De hoeveelheid informatie die nu over ons op tafel ligt, was tien, twintig jaar geleden alleen voorstelbaar in een totalitaire staat. Nu geven wij haar vrijwillig prijs.’ Stel je Facebook voor als een leenheer, schetst Han, die ons een akker in pacht geeft. Wij verbouwen die akker als bezetenen en Facebook krijgt de oogst in de vorm van alle mogelijke informatie over ons, over onze vrienden, onze gedachtes en interesses.

De Amerikaanse schrijver Jaron Lanier (van o.a. You are not a gadget) bedacht hier iets op. Hij stelt een systeem voor waarin wij telkens een klein bedrag terugkrijgen van sociale netwerken als Facebook op het moment dat zij van onze data gebruik maken. Voor elk brokje informatie krijgen wij dan een paar cent op onze bankrekening gestort. Lanier kreeg kort geleden de gerenommeerde Friedenspreis des Deutschen Buchhandels.

Het klinkt niet als een systeem waar u een voorstander van zou zijn.
‘Het is een aanfluiting dat men hem die vredesprijs heeft gegeven. Zo wordt alles totaal geëconomiseerd! De mens heeft een akker nodig waar niet direct geoogst moet worden, een speelruimte waar je je ook kan ophouden zonder winst te moeten generen.’

Toch is het moeilijk voorstelbaar wat de mens drijft als er niet in de een of andere zin sprake is van ‘voordeel’.
‘Een paar maanden geleden is er iets voorgevallen in Griekenland waaruit blijkt dat het wel degelijk denkbaar is. Kinderen vonden in een vervallen huis een pot met geld, ongeveer veertigduizend euro. Zij speelden ermee, maakten er confetti van. Het is een voorbode van een wereld die vrij is van kapitalistische doeleinden.’

‘Kijk’, begint Han, ‘ik kan u geld uitlenen hoewel ik niet weet wat uw financiële situatie is, omdat ik u vertrouw. Ik weet niet waar u vandaan komt en wie u eigenlijk bent en wat u denkt. Toch laat ik u een stuk over mij schrijven omdat ik u vertrouw. Als ik alles over u zou weten, dan zou dat niets meer met vertrouwen te maken hebben want dan ben ik gewoon goed geïnformeerd en stem ik mijn handelen daar op af. Totale transparantie draait het vertrouwen de nek om.’

'Het kapitalisme creëert behoeften die van de mens zelf lijken te zijn maar er in werkelijkheid niets mee te maken hebben.' Foto: S. Fischer Verlag‘Het kapitalisme creëert behoeften die van de mens zelf lijken te zijn maar er in werkelijkheid niets mee te maken hebben.’ Foto: S. Fischer Verlag

Wat doe je daaraan?
‘Eerst het probleem analyseren, en dan… Het is een taak voor de politiek, maar de moeilijkheid is dat politici er baat bij hebben om het systeem in stand te houden. Politici hebben iets aan de controle, de bewaking. Dus je zou wat van de burgers verwachten. Maar wij zijn geen vrije burgers meer, want die zouden kunnen kiezen wat zij willen. We zijn consumenten die iets voorgeschoteld willen krijgen. We zitten op een dood spoor.’

Buiten poedelen kinderen in teiltjes in het park, mensen drinken witte wijn met ijsklontjes in de schaduw en de eerste barbecuewalmen waaien door het open raam naar binnen.

Volgens mij zou het gros van de mensen hier beamen dat ze vrij zijn.
‘Vrije burgers zouden een vrije keus moeten hebben. Consumenten hebben geen vrije keus, ja misschien in welke kleren ze kopen, maar dat is geen werkelijke keus. Een keus te hebben, betekent dat je voor een andere levensvorm zou kunnen kiezen. Maar wij zijn voor het karretje van het kapitalistische systeem gespannen en er wordt ons geen alternatief geboden. We zijn knechten van het kapitaal en van de consumptie.’

Hoe ben ik een knecht van de consumptie?
‘Heeft u ook Primark in Nederland? Ja? De mensen die daar heen gaan en voor twintig euro met tien kledingstukken naar buiten komen, maken inderdaad geen ongelukkige indruk. Maar vergis je niet! Het kapitalisme creëert behoeften die van de mens zelf lijken te zijn maar er in werkelijkheid niets mee te maken hebben.

De consumptie is volledig losgezongen van het gebruik. De spullen bij Primark zijn gemaakt om één, twee keer te gebruiken en daarna kan kunnen ze in de prullenmand. En wat doen die mensen met de kleren die ze kopen? Ze maken er reclame voor. Ze maken filmpjes van hun nieuw aangeschafte broeken, truien, hemden, uploaden die op YouTube en krijgen een half miljoen kijkers.

‘Met de share-economie worden deugden als vriendelijkheid en gastvrijheid volledig geëconomiseerd’

Primark hoeft zelf allang geen reclame meer te maken, want dat doen de consumenten zelf. De consumenten kopen om reclame te maken en genereren zo nog meer consumptie. Kopen, reclame maken, weggooien. Consumptie die alleen op het gebruik ervan berust, is te langzaam. Als ik de dingen daadwerkelijk zou gebruiken, zou ik niet zo veel hoeven te kopen.’

Er zijn toch steeds meer initiatieven die overconsumptie tegen willen gaan, platforms via welke je auto’s, boormachines, et cetera kan delen en lenen van buurtgenoten?
‘Dat soort initiatieven hebben wij in Duitsland ook. Deze share-economie is juist een voorbeeld van de extreme vorm die het kapitalisme heeft aangenomen. Zelfs de community wordt uitgebuit. In Duitsland hebben we Wundercar, dat is een online carpoolcentrale voor ritjes binnen de stad. Je bent niet verplicht te betalen, maar als je tevreden bent over de chauffeur kan je die een fooi geven en vijf sterren op de website.

Wundercar laat zich erop voorstaan dat het de gemeenschapszin vergroot en dat tijdens de ritjes nieuwe vriendschappen ontstaan, maar in werkelijkheid gaat het hier om geld verdienen en goede beoordelingen krijgen zodat je de volgende keer in je vrije tijd onder het mom van gemeenschapszin weer wat extra zakcenten kunt opstrijken.

Zo zijn deugden als vriendelijkheid en gastvrijheid volledig geëconomiseerd. Het kapitalisme heeft zijn hoogtepunt bereikt nu het zelfs de gemeenschap, de community, de commons, de grondslag van het communisme heeft weten in te lijven. Dat wat een tegenpool van het kapitalisme was, is er onderdeel van geworden. Het communisme en alles wat daar op lijkt is het nieuwe gat in de markt.’

Madame Bovary

Als alles open en bloot op tafel ligt, als er geen geheimen zijn en niets verborgen blijft, gaat dat ten koste van het verlangen. Han verwijst naar een scène uit Flauberts Madame Bovary waarin Emma en Léon met elkaar in een rijtuig door de hele stad rijden. Flaubert beschrijft minutieus de straten en de pleinen die de koetsier kiest, maar besteedt geen woord aan wat er in het rijtuig gebeurt. Op het laatst steekt Emma haar hand uit het raam en strooit papiersnippers als vlinders over een klaverveldje uit. ‘Die hand is het enige naakt in de scène. Verder zie je niets, en juist daardoor is het zo’n erotische passage.’

‘Het kapitalisme leidt tot een narcistische fixatie op het zelf, en de depressie is het gevolg daarvan’

Een ander motto, uit een ander boek van Han: ‘Protect me from what I want’. Het is een tekst die de Amerikaanse kunstenares Jenny Holzer in ledlampjes op Times Square installeerde. De steeds terugkerende vraag van Han is hoe je weerstand kunt bieden aan iets waar je zelf middenin zit, hoe je kunt opstaan tegen iets dat je niet tegenover je kunt krijgen omdat je er deel van uitmaakt.

U schrijft: ‘Het wilde dier kan zich niet verdiepen in de ander tegenover hem, omdat het gelijktijdig de wijde omgeving in de gaten moet houden.’ Schaadt de techniek de menselijke verhoudingen?
‘Je hóéft je niet met drie iPads, een computer en vijf smartphones te omringen. Maar het systeem vraagt ons voortdurend te multitasken omdat we voortdurend moeten presteren.’

Uw kritiek doelt niet op de techniek?
‘Het medium is het probleem niet. Het is niet de schuld van de techniek dat die nu wordt ingezet door het kapitalisme. Elk heersend systeem wil de belangrijkste media naar zijn hand zetten en dat is het kapitalisme in het geval van het internet meesterlijk gelukt. De techniek an sich heeft de potentie om hele werelddelen te emanciperen. Nu wordt hij alleen voor andere doeleinden ingezet.’

Wat doet het systeem dan met onze relatie tot de ander?
‘Het systeem maakt iedereen narcistisch. Een ieder is de ondernemer van zijn eigen ik, iedereen is alleen nog maar met zichzelf bezig. Vroeger waren het bedrijven die onderling met elkaar concurreerden, nu zijn het individuen. Maar het is doodvermoeiend om telkens maar jezelf te moeten zijn, jezelf te moeten uiten, je eigen potentieel te moeten waarmaken.

Zo leidt het kapitalisme tot een narcistische fixatie op het zelf, en de depressie is het gevolg daarvan. De ander is concurrentie, of een seksueel object dat geconsumeerd kan worden. Het is nauwelijks mogelijk uit het narcistische moeras van het ik getrokken te worden. Alleen de ander kan dat doen.’
Het is de liefde die een mens uit zijn depressie kan bevrijden – zo gesteld geen wonder dat Han maar weinig echte liefde bespeurt in onze maatschappij.

Liefde, schrijft Han, ‘is niet een mogelijkheid, want ze is niet te danken aan ons initiatief. Ze is zonder grond, ze overvalt en verwondt ons.’ Binnen het berekenende zelfbewustzijn van de moderne mens is voor die irrationele, allesverslindende liefde geen plaats. Aan de hand van de film Melancholia van Lars von Trier probeert Han dit uit te leggen: Justine is depressief en niet in staat lief te hebben, omdat zij in zichzelf verwikkeld is en de ander alleen nog kan waarnemen in haar eigen schaduw.

Volgens de interpretatie van Han is het de planeet Melancholia, die de aarde dreigt te raken, die de vorm aanneemt van de ander en zo Justine uit haar narcisme kan bevrijden. De ander, die moet onrust betekenen, onberekenbaar zijn. De catastrofe van de naderende planeet rukt Justine uit haar in zichzelf verzonken staat.

In de hel van het gelijke kan geen begeerte zijn, want er is geen werkelijk andere op wie de begeerte geprojecteerd zou kunnen worden. Als alles om jezelf draait, is het onmogelijk een ander lief te hebben. De liefde van nu noemt Han ‘gedomesticeerd’ en doet alleen nog maar dienst om onszelf in ons ego te bevestigen.

Er kunnen toch ook andere zaken zijn die ons onszelf doen vergeten, waar we geheel in op kunnen gaan? Werk, kunst, muziek?
‘We leven in een cultuur van het behagen. Alles moet ons steeds in ons ego bevestigen. Kunst moet behagen, muziek moet behagen, we moeten alles kunnen “liken”. Iets kan ons alleen maar uit onszelf losrukken zodra het negatief is, verstorend, erschütternd, waarvan je niet kan zeggen: dit vind ik leuk!’

En u?
‘Ik ben ook deel van deze wereld. En we zijn allen depressief. Ik kan mezelf niet uitsluiten. Ik ben net als iedereen verweven in het net, ik ben net als ieder ander depressief, en…’

Maar als u zich hier zo bewust van bent, dan moet u toch maatregelen kunnen nemen?
‘Het is moeilijk om uit het gelid te stappen. Het zijn de idioten die er buiten vallen. De idioot is diegene die zich bevrijdt uit het web, die niet communiceert. Hij hult zich in stilzwijgen. Kijkt u eens de film van Lars von Trier, The Idiots. De idioten staan op zichzelf.’

Bent u hier de idioot?
Ik… iedereen kan een zeker idiotisme praktiseren, maar het is moeilijk. Het is bijna onmogelijk om een buitenbeentje te zijn in het conformistische web waarin wij leven. Niemand wil opvallen. Maar de enige manier om weerstand te bieden, is om voor idioot te spelen. Het probleem is niet langer dat wij onze mening niet kunnen of mogen uiten, maar dat we de hele dag móéten communiceren.

Wat een bevrijding is het om eens niets te hoeven zeggen en te kunnen zwijgen. Alleen dan hebben we de mogelijkheid om iets steeds zeldzamers te bereiken, want alleen dan is het mogelijk te zeggen wat werkelijk waard is gezegd te worden. Wij moeten ruimten creëren waar je eenzaam kunt zijn en kan zwijgen. Er moet een manier worden gevonden om ons te bevrijden van het conformisme, de heerschappij van de totale transparantie. Dat is onze opdracht voor de toekomst.’

Zojuist verschenen bij Van Gennep: drie gebundelde essays van Byung-Chul Han onder de titel ‘De vermoeide samenleving’, 168 p., € 16,90

Advertisements