Griet Op de Beeck – Interview

Het gaat mij om het contrast tussen wie we proberen te zijn en wie we echt zijn

{Interview}

De Vlaamse Griet Op de Beeck (44), schrijver van vier bestsellers en het Boekenweekgeschenk, is ‘van de plank af gegaan’ nadat ze wereldkundig maakte dat ze een misbruikslachtoffer is. ‘De samenleving kijkt vanuit wantrouwen’. Dus past ze haar trilogie over incest aan.
©© Jitske Schols 2018

Jij hebt sinds 2013 vier romans op je naam staan, en je bent nú al gevraagd om het Boekenweekgeschenk te schrijven. Iedereen zal je wel op de schouders slaan?

,,Ik kon niet geloven dat ik het Boekenweekgeschenk mocht schrijven. Er zijn schrijvers die erop vooruitlopen dat ze worden gevraagd, maar dat was bij mij ab-so-luut niet het geval. Ineens moest ik een verhaal hebben, liefst met een dringend, urgent onderwerp. Schrijver Herman Koch stelde me gerust. Hij zei: zie het Boekenweekgeschenk als een lang verhaal. Dat nam de druk weg. Ik wilde schrijven over wat er gebeurt in de wereld. Al dat protectionisme, nationalisme, de haat tegen vreemdelingen en vluchtelingen; daarover moest het gaan. En nee, het Boekenweekgeschenk gaat niet over incest, zoals iemand al vroeg.”

Met een oplage van 661.000 kun je lezers de boodschap meegeven uit je romans, namelijk dat iedereen zijn leven kan veranderen. Jouw personages breken met hun oude leven of relatie. Zit die aansporing erin?

,,Dat is niet wat ik voor ogen heb gehad. Ik schrijf geen zelfhulpboeken, ik schrijf ook niet van me af. Ik heb een grote nood aan afstand tussen mijzelf en datgene waarover ik wil vertellen. Dus niemand hoeft te denken dat hij betaalt voor mijn zielenroerselen. Het gaat mij om het contrast tussen wie we proberen te zijn, willen lijken te zijn, wie we laten uitschijnen te zijn en wie we echt zijn. Hoe we met elkaar praten en wat we graag zouden willen zeggen, maar niet durven of kunnen.

Schrijven is voor mij van onwaarschijnlijk groot belang. Meer dan ik ooit had durven denken. Het biedt een antwoord op de grote, existentiële vraag naar de zin van dit alles. Die vraag heeft mij van jongs af aan beziggehouden. Blijkbaar typisch voor zeer getraumatiseerde mensen – maar dit terzijde.

Ik heb natuurlijk wel gemerkt dat mijn eerste twee boeken, en ook de aflevering van Zomergasten waarin ik zat, bij mensen allerlei emoties hebben losgemaakt. Dat merk ik aan alle reacties. Ik vind dat een groot cadeau, al stond ik er in het begin huiverig tegenover. Ik was bang dat het zou afleiden van de literaire kwaliteiten van mijn boeken, maar ik omarm het nu. Het ontroert me om te merken dat mensen dat kleine beetje toestemming nodig hebben om een beslissing voor zichzelf te mogen nemen. Om in te grijpen op hun leven en andere keuzes te maken dan ze tot dan toe deden. Dat doet de hoofdpersoon in het Boekenweekgeschenk ook.”

Je krijgt veel post, veel e-mails. Wat schrijven mensen?

,,Sinds de uitzending van De wereld draait door, waarin ik heb verteld over de incest, heb ik bijna tweeduizend mails gehad. Eén categorie roept ‘toppie, ik herken me er niet in, maar wat goed die openheid’. Een groep mensen heeft het zelf meegemaakt of kent iemand die is misbruikt, en voelt zich gesteund. En dan heb je de mensen die laten weten: ‘door jou heb ik hulp gezocht’ of ‘ik heb het eindelijk mijn lief verteld met wie ik al tien jaar samen ben’ of ‘ik heb toch nog eens contact opgenomen met mijn zus, omdat ik het nooit heb kunnen uitleggen, en heb gezegd: kijk naar de uitzending, dat is het verhaal wat ik u al zoveel jaar probeer te vertellen’. Ik heb ook veel mails ontvangen van hulpverleners, psychiaters, psychologen en filosofen met opmerkingen als: je hebt geen idee hoe belangrijk dit is voor mijn cliënten. En ik heb twee nare mails gekregen.”

Twee?

,,Ja, van mensen die zeggen: ‘vuile kuthoer, wat heb je gedaan’. Zulke mails vind ik heftiger dan dat er op sociale media tegen me tekeer wordt gegaan. Iemand moet dan echt de moeite nemen om mijn e-mailadres op te zoeken. Een vriend van mij zei ‘u steekt uw nek uit, mensen schelden u dan de huid vol’. Maar ik heb geen mening geuit, hè, ik heb alleen mijn verhaal gedaan.”

Schrijven er ook mannen?

,,Ja, ik gok een derde van iedereen. Dat heeft me blij verrast. Een man moet een extra grote stap doen om ervoor uit te komen dat er een andere man aan hem heeft zitten prutsen. Als je een heteroseksueel leven leidt, drijft er een extra laag schaamte bovenop, waardoor het nog moeilijker is je te outen. Totaal onterecht natuurlijk.”

Komen ze met dezelfde kwesties als vrouwen? En durven ze openhartig te zijn?

,,Niet iedereen heeft het nodig zijn hele verhaal te doen, het is ook best heftig. We praten over zeer, zeer donkere, vreselijke verhalen van mensen die dit hebben moeten meemaken. Sommigen volstaan met één zin: ‘eindelijk kan iemand het uitleggen’.”

Jij zegt dat je geen directe herinneringen hebt aan de incest. Daarover ontstond ophef, omdat sommige critici vinden dat je op basis van secundaire aanwijzingen nooit had mogen verklaren dat je dit hebt meegemaakt.

,,Na de uitzending kreeg ik een paar kletsen in mijn gezicht. Niet alleen kwamen de negatieve reacties keihard aan, maar ik moest zelf dan eindelijk erkennen hoe het zat. Omdat ik het zei, kon ik er niet meer omheen. Dat is zo’n grote stap geweest, dan komt al die emotie los waar ge zo lang bang voor bent geweest, die ge zo lang hebt ontvlucht door het te ontkennen. Voor mij was dit hét culminatiemoment van een lang proces. Het gaf een storm van overdonderende emoties. Ik ben helemaal de plank af gegaan. Ik ben pas sinds enkele weken opgekrabbeld.”

Heb je in al die jaren van therapie dan niet gereageerd met snot en pijn?

,,In het begin reageerde ik juist onthecht. Ik heb geleerd al mijn emotie te parkeren. En te glimlachen en vrolijk te zijn, omdat mensen dat graag hebben. Járen heb ik zo geleefd. Al mijn vrienden in therapie jankten de ogen uit hun kop. Ikke nie, pffff. Mijn emoties zaten vast. Ik voelde niets. Het kwam er niet uit. Er zaten jaren tussen het inzicht verwerven ‘wat is er met mij aan de hand’ en dat laten zakken. De heftigheid van worden verpletterd onder zeer grote emoties had ik tot op dat moment nooit meegemaakt. Niet op zo’n ondermijnende manier. Of zo lang. Het was kut. Ik ga er niet stoer over doen.”

Dus je zag niet aankomen wat je publieke openbaarmaking met je zou doen?

,,Totaal niet. Ik vermoedde natuurlijk wel dat het, ongeacht de reacties, een effect op me zou hebben. Ik was er theoretisch van op de hoogte dat dit zou gebeuren. Maar ik kon niet inschatten hoe dat zou zijn. En ik kon er niet te lang bij stilstaan, want anders had ik het misschien niet gedaan.

Ik wist dat er op misbruik een taboe rust, maar het is nog veel groter dan ik dacht. Dat heeft me geschokt. Ik denk dat dit komt doordat we allemaal een vader hebben, of er een zijn. Sommige mensen hebben op sociale media geroepen dat het een stunt was om mijn boek te verkopen. My God, hoe cynisch kan een mens zijn? Choquerend.”

Heeft niemand je gewaarschuwd: zou je het wel doen?

,,Vrienden zeiden: is dat wel slim? Maar ik besefte allereerst dat het voor mijn persoonlijke evolutie een buitengewoon slechte zaak zou zijn om te liegen op vragen die onontkoombaar zijn als je een trilogie schrijft met incest als thema. Naast de andere thema’s trouwens. Het gaat in mijn boeken altijd over de schaduwen die je verleden werpen, en misbruik is daar een deel van. Ik had kunnen liegen, dat was mijn goed recht geweest. Mensen mogen dat voor zichzelf beslissen. Maar dat zou betekenen dat ik dat geheim de rest van mijn leven zou moeten meedragen, want ik kan niet zeggen ‘neuh, neuh’ en zes jaar later: eigenlijk is het toch mijn verhaal. Dan moet je zwijgen.

En dat zou impliceren dat ik zelf de schaamte zou blijven dragen voor wat mij is aangedaan. Dat is fundamenteel onjuist! Het zou mij hinderen me te bevrijden van dat grote trauma dat mij als volwassene op zoveel manieren heeft bepaald. Dat was ik zó beu.

En ik had gemerkt wat het kan betekenen als je bereid bent te spreken. Ik schrijf een boek om het taboe rond incest te doorbreken, om te verduidelijken hoe complex dat is, hoeveel consequenties het geeft, niet alleen voor het slachtoffer maar voor de hele omgeving en dan ga ikzelf dat taboe in stand houden? Zo’n soort schrijver wil ik niet zijn.

Ik vind het wel vervelend dat het uitstraalt naar Het beste wat we weten. Sommige mensen durven het eerste deel van de trilogie niet te lezen omdat ze denken dat het mijn persoonlijk verhaal is. Nee dus. Ik schrijf met grote autoriteit over seksueel misbruik omdat ik uit eigen ervaring weet wat het is én omdat ik er veel research naar heb gedaan. Alleen zo kom ik los van mijn eigen verhaal.”

Lezers verwachten misschien jouw verhaal met de details.

,,Het gaat niet om de aanschouwelijke details. Die zijn onduidelijk. Ik heb geen keihard, voor een rechtbank steekhoudende bewijzen. Dat is bijna nooit het geval. Maar ik weet welke sfeer er in een gezin hangt waar het gebeurt, tot in detail hoe zich dit manifesteert in een volwassen leven. Dat gebruik ik om een boek te schrijven. Ik probeer in het hoofd van het personage te wonen.”

Je gebruikt wel een aantal van de 107 aanwijzingen die je hebt verzameld om tot het besluit te komen dat je slachtoffer van incest bent geweest.

,,Secundaire bewijzen. Mensen moeten niet denken: als jij het allemaal niet weet, kan het mij óók zijn overkomen. Er moet een lange reeks van voorwaarden zijn vervuld, voor je in die richting mag denken.”

Van je nieuwste boek worden minder exemplaren verkocht dan je zou verwachten op grond van eerdere verkoopcijfers. Mensen vinden incest misschien te zwaar of te moeilijk? Hoofdpersoon Lucas zegt ergens: een slachtoffer vraagt je om iets te doen, al was het maar je inleven in zoiets huiveringwekkends, terwijl een dader je juist vraagt niks te doen, en we doen allemaal liever niks.

,,Het zijn nog altijd fenomenale verkopen waarvoor ik blij en dankbaar ben. Deze roman heeft meerdere thema’s, en een ervan slaat op misbruik. Lucas besluit midden in zijn leven stil te staan en zich de vraag te stellen: wat klopt er wel en wat niet? Die beweging maken we op een gegeven moment allemaal. Het boek draait om het leven zelf, en ik vind het jammer als mensen denken dat de gore details je vanaf bladzijde 16 tegemoet spetteren.

Door alle reacties heb ik de volgorde van mijn trilogie omgedraaid. Ik wilde in het tweede deel het perspectief kiezen van het slachtoffer dat op latere leeftijd na veel gesputter tot het onontkoombare inzicht komt dat misbruik de verklaring is voor alles. Het derde boek zou vanuit het standpunt van haar ouders komen.”

Wat maakt die andere volgorde uit?

,,Het is getrouwer aan hoe de samenleving kijkt naar slachtoffers. Vanuit een kritische, wantrouwende blik, vanuit ontkenning. Dat is een pijnlijk inzicht. Ik gebruik dat in de boeken. Ik denk dat het zo juister is.”

Mensen haken misschien gemakkelijker aan bij dat andere thema uit je boeken: kinderen die op allerlei manieren voor hun ouder of ouders hebben moeten zorgen, omdat hun vader of moeder de rol van volwassene niet pakte.

,,Ja, een zeer groot thema in mijn werk, en in de wereld. En zéér schadelijk. Als kinderen aanvoelen dat een vader zijn drankprobleem niet de baas is of een alleenstaande moeder het niet aankan, en zich verantwoordelijk voelen. Dat heeft dramatische gevolgen. Mijn hart breekt als ik zie dat kinderen niet krijgen wat ze verdienen en nodig hebben. Sociaal werkers monitoren de gezinnen waarin het fout gaat, maar niet de jongens en meisjes achter de keurige gevels, met de fris gewassen haren, die netjes naar school gaan en het leuk doen. Het is het kind dat altijd glimlacht over wie je je zorgen moet maken.”

Als je niet leert waar de ander ophoudt en jij begint, hoe brei je dat later nog recht?

,,Ik geloof fundamenteel dat een mens in staat is zich uit alle soorten drek te trekken. Als je de moed hebt, kun je het punt bereiken al je monsters in de ogen te kijken. Elke vorm van groeiend zelfinzicht is niet alleen goed voor jezelf maar voor iedereen met wie je in contact komt. Soms moet je jezelf er een goede therapeut bij gunnen. Als je het niet voor jezelf wilt doen, doe het dan in vredesnaam voor je kinderen, je lief, je intieme vrienden, of zelfs je collega’s. Hoe meer je begrijpt waar je emoties en patronen vandaan komen, waarom je met mensen omgaat zoals je doet, hoe meer hen dat ten goede komt.”

Geloof jij dat de patronen die generaties lang in families worden doorgegeven, kunnen veranderen?

,,Absoluut. Het zou een vreselijk lot zijn als je gedoemd bent te leven zoals anderen dat voor jou hebben geregeld. Ik ben zelf het levende bewijs dat het niet hoeft. Ik heb allerlei mensen naar de shrink gestampt. Liefdevol gestampt. Vanaf het moment dat je het aangaat, is er opeens perspectief dat er eerder niet was. Dat geeft een ongelooflijke hoeveelheid energie, kracht en moed. Het geeft je de kans om met je gevoelens bij een situatie te blijven zonder dat je emoties worden vermenigvuldigd met een factor 10, omdat die situatie raakt aan oud zeer. Dat maakt het leven dragelijker.”

Je kunt de donkerste hoeken van mensen pas opzoeken, stel jij, als je ook de lichtheid zoekt. Waar zit die in? Hoop, humor, geluk?

,,Ik probeer humor en liefde in mijn boeken te introduceren. Ik denk dat we de donkerte beter aankunnen als we af en toe de relativiteit, de flauwekul van alles inzien. Ik houd niet zo van het woord hoop. Hoop klinkt als in een zetel wachten tot het beter wordt. Ik ben van oppakken, doen, proberen, falen, vallen en weer opstaan.”

Klopt het dat Brigitte Kaandorp bij je boekpresentatie heeft gezongen: ‘Ik heb een heel zwaar leven, echt heel zwaar’?

,,Ik kwam Brigitte tegen tijdens een staatsbanket in het Koninklijk Paleis op de Dam. In dezelfde week dat ik bij De wereld draait door zat. Zij vroeg me waaraan ik werkte. Ik zei ‘aan een trilogie met incest als verbindend thema’. Waarop zij zonder aarzelen antwoordt: O nou, heb jij dat meegemaakt? Zo bóém. Ik vond het héérlijk, dat ongehinderde. Het taboe slaat nergens op. Wat ze vroeg was terecht. Ik heb op dat moment wat gestameld, beduusd door haar heerlijke Hollandse directheid. Maar ik vond het geweldig. Daarom heb ik haar gevraagd. Ik wist: wat ze ook doet, het zal juist zijn. Dat was het. Iedereen heeft tranen met tuiten gelachen. Heerlijke vrouw. Ze heeft speciaal voor die avond een lied herschreven. Een Nederlands-Vlaams volkslied, heel geestig. Ze bracht precies de lichtheid die ik zocht.”

Advertisements